Rosenbaum

Advies inzake Rosenbaum

Dossiernummer: 
1.82-A
Soort advies: 
NK-collectie
Adviesdatum: 
31 januari 2011
Oorspronkelijke eigenaar: 
Kunsthandel

Bij brief van 21 mei 2007 verzocht de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de minister) de Restitutiecommissie (hierna: de commissie) om advies over de te nemen beslissing op het verzoek van 28 maart 2007 van G.S. te N.Y.C. en J.L. te L.A. (hierna tezamen: verzoekers) tot teruggave van onder meer het schilderij Landschap met klassieke tempel van de kunstenaar Hubert Robert. Dit kunstwerk maakt deel uit van de Nederlands Kunstbezit-collectie (NK-collectie) in beheer van het Rijk onder inventarisnummer NK 1432 en bevindt zich thans in de Nederlandse ambassade te Boedapest, Hongarije.

DE PROCEDURE

De claim op NK 1432 maakt deel uit van een grotere claim van verzoekers op kunstvoorwerpen uit de NK-collectie.[1] Naar aanleiding van de adviesaanvraag van 21 mei 2007 heeft de commissie een onderzoek naar de feiten uitgevoerd, waarvan de resultaten zijn neergelegd in een conceptonderzoeksrapport van 1 oktober 2009. Dit conceptrapport (RC 1.82) is voor commentaar toegezonden aan verzoekers en is ter feitelijke aanvulling toegestuurd aan de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (hierna: de staatssecretaris).[2] Verzoekers hebben inhoudelijk gereageerd op het conceptrapport. De staatssecretaris heeft laten weten geen aanvullend feitelijk materiaal onder de aandacht van de commissie te willen brengen. Vervolgens heeft de commissie besloten het onderzoek naar NK 1432 in een afzonderlijk dossier onder te brengen (RC 1.82-A), aangezien dit kunstvoorwerp tevens deel uitmaakt van een restitutieverzoek inzake Mathiason (RC 1.108). Over de overige geclaimde objecten inzake RC 1.82 zal de commissie op later datum advies uitbrengen (RC 1.82-B). Het onderzoeksrapport dat ten grondslag ligt aan dit deeladvies RC 1.82-A is dan ook afgesplitst van het oorspronkelijke conceptonderzoeksrapport inzake RC 1.82. Verzoekers zijn hiervan bij brief van 13 december 2010 op de hoogte gesteld onder gelijktijdige toezending van het rapport inzake RC 1.82-A. Verzoekers hebben in reactie hierop laten weten dat aanvullend onderzoek geen nieuwe informatie had opgeleverd met betrekking tot het huidige NK 1432. De commissie heeft het onderzoeksrapport inzake RC 1.82-A vastgesteld op 31 januari 2011. Voor de feiten in deze zaak verwijst de commissie naar dat rapport. Verzoekers hebben zich in de procedure laten vertegenwoordigen door M. Stötzel, advocaat te Marburg, Duitsland.

OVERWEGINGEN

    1. Verzoekers hebben verklaard dat zij erfgenamen zijn van ‘the late Isaak and Jacob Rosenbaum and descendants, especially of Saemy Rosenberg and Hans and Eric Stiebel’. Uit het onderzoek komt naar voren dat verzoeker J.L. een kleinzoon is van Saemy Rosenberg en verzoeker G.S. de zoon is van Eric Stiebel. Saemy Rosenberg en Eric Stiebel hebben behoord tot de aandeelhouders van de kunsthandel I. Rosenbaum N.V. te Amsterdam (hierna kunsthandel Rosenbaum). Aan deze claim ligt de aanvankelijke stelling van verzoekers ten grondslag dat het huidige NK 1432 behoorde tot de handelsvoorraad van kunsthandel Rosenbaum, die dit werk tijdens de bezetting onvrijwillig heeft verloren ten gevolge van het naziregime. Naar aanleiding van het feitenonderzoek van de commissie hebben verzoekers hun stelling later herzien (zie 5).

    2. Ingevolge het geldende rijksbeleid voor de restitutie van kunstwerken komt een kunstwerk voor restitutie in aanmerking indien het eigendomsrecht in hoge mate aannemelijk is gemaakt en er geen aanwijzingen zijn die dit tegenspreken.

    3. De commissie concludeert op basis van haar onderzoek dat de kunsthandel Rosenbaum naar alle waarschijnlijkheid het thans geclaimde kunstwerk niet in eigendom heeft gehad. Uit archiefdocumentatie kan worden opgemaakt dat het huidige NK 1432 na de oorlog bij vergissing in verband is gebracht met de kunsthandel Rosenbaum. Na de oorlog heeft de Stichting Nederlands Kunstbezit (SNK) op een intern aangifteformulier met betrekking tot het schilderij de naam ‘Rosenbaum’ vermeld, maar deze vermelding is doorgestreept met de aantekening: ‘niet v. Rosenbaum’. Op de bij het formulier behorende inventariskaart is aanvankelijk ‘Rosenbaum, Amsterdam’ genoteerd, hetgeen later is gecorrigeerd waarbij de opmerking is gemaakt: ‘volgens S. Rosenberg niet van de firma’. Kennelijk heeft de SNK destijds over het schilderij contact opgenomen met Saemy Rosenberg, die vervolgens heeft aangegeven dat het huidige NK 1432 niet in eigendom is geweest van de kunsthandel Rosenbaum.

    4. De commissie heeft voorts aanwijzingen aangetroffen dat het huidige NK 1432 ten tijde van het bezitsverlies in de oorlog het eigendom is geweest van een andere eigenaar, te weten de uit Duitsland afkomstige joodse familie Mathiason. Het huidige NK 1432 heeft naar alle waarschijnlijkheid deel uitgemaakt van de in Nederland tijdens de oorlog in beslag genomen verhuisboedel van de familie Mathiason. Deze gegevens leveren aanwijzingen op die het eigendomsrecht van de kunsthandel Rosenbaum tegenspreken, zoals bedoeld in de achtste aanbeveling van de Commissie Ekkart van april 2001. De commissie verwijst voor haar beoordeling van de aanwijzingen in verband met de herkomst Mathiason naar het advies inzake Mathiason van 31 januari 2011 (RC 1.108).

    5. Tot slot overweegt de commissie dat verzoekers zelf na inzage in het concept-onderzoeksrapport hebben aangegeven dat het hun niet waarschijnlijk lijkt dat de kunsthandel Rosenbaum het huidige NK 1432 in eigendom heeft gehad. Bij brief van 11 januari 2011 hebben verzoekers verklaard: ‘it seems that this – former ownership of I. Rosenbaum N.V. concerning NK 1432 – is not very likely.’

    CONCLUSIE

      De Restitutiecommissie adviseert de Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap om het verzoek tot teruggave van het schilderij Landschap met klassieke tempel (NK 1432) af te wijzen.

      Aldus vastgesteld in de vergadering van 31 januari 2011 door W.J.M. Davids (voorzitter), J.Th.M. Bank, P.J.N. van Os, D.H.M. Peeperkorn, E.J. van Straaten, H.M. Verrijn Stuart, I.C. van der Vlies (vice-voorzitter) en ondertekend door de voorzitter en de secretaris.

      (W.J.M. Davids, voorzitter)    (E. Campfens, secretaris)

      -----------------------

      [1] Het adviesverzoek inzake RC 1.82 betreft verschillende andere NK-werken, die in het toekomstige advies RC 1.82-B aan de orde zullen komen.
      [2] Sinds het najaar van 2010 is de staatssecretaris de aangewezen bewindspersoon voor restitutieclaims.

      Gerelateerde adviezen: