Toewijzing claim op zestiende-eeuws wandtapijt aan erfgenamen Oppenheimer

Den Haag - De Restitutiecommissie heeft minister Jet Bussemaker van OCW geadviseerd een zestiende-eeuws wandtapijt uit het Rijksmuseum terug te geven aan de oorspronkelijke eigenaren. De minister heeft het advies overgenomen.

Het advies van de Restitutiecommissie betreft het zestiende-eeuwse wandtapijt Kuisheid met twee putti. Het tapijt werd in 1955 door het Rijksmuseum te Amsterdam aangekocht en maakt sindsdien deel uit van de collectie van het museum. Sinds 2012 is het tapijt geclaimd door de erfgenamen van Rosa en Jakob Oppenheimer, een joods echtpaar dat in de jaren ‘20 de leiding had over delen van het Margraf-concern, een Duitse onderneming waartoe diverse gerenommeerde kunsthandels behoorden. De nazi-autoriteiten beschouwden het Margraf-concern als een exponent van de ‘internationale joodse juwelen- en kunsthandel’. Een goede bekende van nazi-topman Hermann Göring werd aangesteld om het bedrijf op te heffen. Onder dwang van de nazi-autoriteiten zijn de voorraden van de dochterondernemingen op executieveilingen verkocht. Het tapijt is in 1935 onder de hamer gekomen op een van deze veilingen. De Restitutiecommissie is van oordeel dat Rosa en Jakob Oppenheimer het tapijt in 1935 onvrijwillig verloren, als gevolg van de vervolgingsmaatregelen die het naziregime tegen hen ondernam. Zij adviseert de minister daarom, onder toepassing van het voor de rijkscollectie geldende restitutiebeleid, het tapijt aan hun erfgenamen terug te geven.

Over de Restitutiecommissie
De Adviescommissie Restitutieverzoeken Cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog adviseert over claims op tijdens de naziperiode verloren cultuurgoederen, zogeheten roofkunst. Sinds haar start in 2002 heeft de Restitutiecommissie 124 adviezen uitgebracht en zijn 138 claims aan haar voorgelegd. Sinds 1 januari 2009 is Willibrord Davids voorzitter van de Restitutiecommissie.

Betreffende adviezen: